Verenigingsreglement
Hieronder de relevante hoofdlijnen:
Het beheer van de verenigingshaven:
1.1 Voor het beheer van de verenigingshaven is een betaalde havenmeester aangesteld. Hij is in dienst van WV IJburg en voert de taken uit die staan omschreven in het Huishoudelijk Reglement.
(..)
1.3 De dienstdoende havenmeester ziet toe op het ordelijk gebruik van de haven en zorgt ervoor dat onderhoud tijdig plaatsvindt. De havenmeester rapporteert direct aan het bestuur.
1.4 De havenmeester is meldpunt voor leden die langer dan twee dagen hun box leeg laten staan. Hiermee is de havenmeester bekend welke boxen beschikbaar zijn voor passanten.
1.5 De havenmeester zorgt ervoor dat passanten een ligplaats krijgen toegewezen.
Verplichtingen van de leden:
4.1 Alle leden zijn verplicht het bestuur zoveel mogelijk steun te verlenen om de goede gang van zaken in de jachthaven te bevorderen.
4.2 Elk lid is gehouden de hem/haar toegezonden rekeningen voor contributie, entreegeld, vergoeding voor het verlenen van faciliteiten, enz. binnen 30 dagen na dagtekening te voldoen.
(…)
4.5 Ligplaatshouders worden geacht ‘als een goed huisvader’ gebruik te maken van het Haventerrein.
4.6 Ligplaatshouders dienen langdurige leegstand van de ligplaats voorkomen. Bij afwezigheid langer dan twee dagen moet dit worden gemeld bij de havenmeester, zodat deze toegewezen kan worden aan passanten.
4.7 Bij langdurige leegstand van een ligplaats kan het bestuur, in overleg met het betrokken lid, de ligplaats verhuren aan een lid dat op de wachtlijst staat.
4.8 Ligplaatshouders zijn te allen tijde zelf verantwoordelijk voor het (hun) vaartuig.
4.9 Iedere eigenaar is verplicht zorg te dragen dat zijn vaartuig deugdelijk ligt afgemeerd en wel zodanig dat het vrij blijft van andere vaartuigen, steiger of palen. Indien het voor het afmeren c.q. verlaten van de ligplaats noodzakelijk is landvasten van naastliggende vaartuigen los te maken, is men verplicht deze direct weer deugdelijk te bevestigen. Elk vaartuig behoort met de nodige stootwillen te zijn uitgerust. Deze behoren in goede staat te zijn en van de juiste afmeting. Wordt hieraan, naar het inzicht van de havenmeester, niet voldaan dan heeft deze het recht hierin te voorzien of te laten voorzien op kosten van de betrokken eigenaar.
4.10 Behoort een vaartuig aan meer eigenaren toe, dan wijzen de gezamenlijke eigenaren – die allemaal lid van de vereniging dienen te zijn – een van hen aan als direct verantwoordelijke tegenover de vereniging. Ieder der mede-eigenaren is hoofdelijk voor het geheel aansprakelijk voor al hetgeen, waartoe de aangewezen eigenaar of de gezamenlijke mede-eigenaar tegenover de vereniging verplicht zijn.
4.11 Het gebruik van elektriciteit via de in de haven aanwezige aansluitpunten is slechts toegestaan voor leden die voor dat doel een sleutel hebben ontvangen. Leden betalen elektra zo mogelijk naar werkelijk verbruik en anders naar schatting door de vereniging. Het maximaal aan te sluiten elektrisch vermogen moet in overleg met de havenmeester bepaald worden. De stroomafname is slechts toegestaan middels een daartoe geschikte en onbeschadigde kabel. Het gebruik van verlengsnoeren is niet toegestaan.
4.12 Ligplaatshouders zijn verplicht te zorgen dat hun vaartuig deugdelijk verzekerd is en technisch in orde is.
4.13 Gasinstallaties dienen deugdelijk en veilig te zijn. Ook de omgang met gasinstallaties dient op verantwoorde wijze te gebeuren.
4.14 De eigenaar of gebruiker van een vaartuig met ingebouwde motor of motor met losse tank is verplicht ervoor zorg te dragen dat zich een in goede staat verkerende en doende snelwerkende blusser, ter bestrijding van olie- of benzinebrand, aan boord bevindt.
4.15 Iedere eigenaar is aansprakelijk voor de door hem of zijn vaartuig veroorzaakte schade aan personen en de jachthaven, alsmede eigendommen van de leden, passanten en de vereniging.
4.16 Na tien uur ’s avonds dienen leden en hun bezoekers die zich in of op hun vaartuig bevinden, danwel op de steigers, stil te zijn ter voorkoming van overlast. Slechts op gedempt niveau dient nog te worden gecommuniceerd.
4.17 In geval van calamiteiten of storm zijn leden die zich op het Haventerrein bevinden verplicht hulp te verlenen.
4.18 Het is niet toegestaan:
- in de jachthaven onderhoudswerk of reparaties te verrichten, waarbij hinderlijk geluid of andere overlast wordt veroorzaakt of waarbij temperaturen kunnen optreden hoog genoeg voor het doen ontstaan van ontploffingen of brand; een en ander ter beoordeling aan de havenmeester;
- een vaste of semi-vaste elektrische leiding aan te leggen van de steiger naar het vaartuig, zonder toestemming van de havenmeester;
- stoffen in het water van de haven te brengen of te lozen. Dit geldt zowel voor stoffen als brandstoffen, olie, vet, bilgewater, etc., alsook voor (huishoudelijk) afval, de inhoud van chemische toiletten en andere stoffen die het oppervlaktewater kunnen verontreinigen;
- (huis)vuil achter te laten op het vaartuig of de steigers;
- onderwatertoiletten aan boord te gebruiken binnen de jachthaven;
- op enige wijze stoffen op of in de bodem te brengen binnen de jachthaven;
- huisdieren los te laten lopen op steigers of terreinen, tenzij anders aangegeven;
- drinkwater te gebruiken voor het wassen van vaartuigen;
- constructies of wijzigingen aan te brengen aan steigers of installaties;
- steigers geheel of gedeeltelijk te blokkeren;
- goederen op de steigers en/of op het terrein onbeheerd achter te laten zonder toestemming van de havenmeester;
- vallen hoorbaar tegen de mast te laten slaan of anderszins hinderlijk lawaai te veroorzaken;
- in de haven te zwemmen, vissen, surfen, zeilen met zeiljachten die zijn voorzien van een motor;
- in de haven sneller dan 5 km/uur te varen;
- in de jachthaven reclame te voeren en/of commerciële activiteiten te ondernemen, zonder toestemming van het bestuur;
- jonge kinderen zonder begeleiding op de steigers te laten komen;
- te rennen over de steigers;
- open vuur te gebruiken, waaronder barbecues;
- te wonen in het vaartuig;
- andermans vaartuig te verhalen.




